NMO Kijken - FAQ
Hieronder vind je veelgestelde vragen en uiteraard antwoorden over NMO Kijken.
Sinds begin 2024 nemen 1850 huishoudens in Nederland deel aan het Kijkonderzoek, wat neerkomt op ongeveer 3600 personen.
Nee, dat kan helaas niet. De panelleden voor het kijkonderzoek worden willekeurig geworven uit een bestand met alle Nederlandse huishoudens door het onderzoeksbureau Kantar. Dit is noodzakelijk om een representatieve steekproef voor heel Nederland te krijgen. Je kunt je daarom niet actief voor het kijkonderzoek aanmelden.
Het Kijkerspanel is representatief voor Nederland. Hierin wordt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en de Gouden Standaard van het Expertise Center voor Marketing-insights (voorheen MOA), Onderzoek & Analytics en de informatie uit het Mediatrends onderzoek (eerder bekend als Establishment Survey) aangehouden als standaarden. Bij de nieuwe werving van het nieuwe kijkonderzoek wordt hier rekening mee gehouden.
De Focal Meter registreert op basis van een van tevoren afgestemde whitelist en kan geen andere online-consumptie registreren, zodat de privacy van alle panelleden wordt gewaarborgd. Deze whitelist is bekend bij panelleden.
Kijkcijfers
Het is mogelijk om kijkcijfers van meer dan twee weken geleden op te vragen. Hiervoor moeten wij precies weten welke kijkcijfers je wilt ontvangen. Dit kun je aangeven via het aanvraagformulier kijkcijfers.
Indien het om een beperkte hoeveelheid informatie gaat betreffende de doelgroep 6+, die op onze website heeft gestaan, kan NMO de gevraagde informatie vaak kosteloos leveren. Voor alle overige aanvragen brengt NMO kosten in rekening. Indien er kosten aan de aanvraag zijn verbonden, bedragen deze minimaal € 575,- (excl. BTW). Je ontvangt vooraf een offerte voor de exacte kosten.
Ben je particulier of student en wil je kijkcijfers aanvragen? Neem dan contact op met (één van) de zenders. "
NMO beschikt over de kijkcijfers vanaf 1 januari 2002. Voor cijfers van vóór deze datum kun je contact opnemen met het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid via
NMO meet het kijkgedrag in Nederland naar Nederlandse en buitenlandse zenders. Voor kijkcijfers uit andere landen verwijzen we naar Glance (voorheen Eurodata). Klik hier voor meer informatie over buitenlandse kijkonderzoeken.
NMO kan van veel verschillende doelgroepen kijkcijfers leveren. Aan het toesturen van cijfers van een doelgroep anders dan 6 jaar en ouder, zijn altijd kosten verbonden, waarover je vooraf wordt geïnformeerd. Aanvraagformulier.
Het kijkgedrag op het grote schermgebruik is een standaard onderdeel van de kijkcijfers. Het terugkijken op de dag van uitzending of het terugkijken in één van de zes opvolgende dagen wordt in de prestaties van de zender, tijdvak of programma meegerekend. De kijkcijfers zijn pas na zeven dagen definitief. Als de tweede fase van het vernieuwde kijkonderzoek gestart is, komt er videototaal beschikbaar met daarin het kijkgedrag naar zenders, video on demand en videosharing platforms.
NMO brengt in kaart in hoeverre er naar streamingdiensten gekeken wordt. Kijkcijfers inclusief het online kijkgedrag kunnen gerapporteerd worden wanneer fase 2 van het vernieuwde kijkonderzoek van start gaat. Op welke wijze wordt nog bepaald. Alleen in samenwerking met streamingdiensten kan ook onderscheiden worden naar welke content kijkers binnen een streamingsplatform hebben gekeken, net zoals dat gebeurt voor de videoplatforms van de Nederlandse broadcasters.
Het terugkijken op de dag van uitzending of het terugkijken in één van de 6 opvolgende dagen na uitzending wordt in de prestaties van de zender meegerekend. De kijkcijfers zijn pas na zeven dagen definitief. Het preview kijkgedrag wordt hierin niet meegenomen.
Sinds 27 januari 2025 is het mogelijk om uitgesteld kijken (UGK) tot en met 27 dagen na uitzenddag te analyseren. Voorheen was dit alleen mogelijk tot maximaal zes dagen na uitzenddag. Voor de planning en exploitatie van tv-campagnes blijft de currency bestaan uit al het kijkgedrag tot en met zes dagen na uitzenddag. De definitieve kijkcijfers die NMO publiceert blijven dan ook gebaseerd op live kijken plus uitgesteld kijken tot en met zes dagen na uitzending.
De Stichting Nationaal Media Onderzoek (NMO) is de eigenaar van de kijkcijfers.
Rapportage
Een televisiedag stopt niet om middernacht, maar loopt van 02:00 uur in de ochtend tot 02:00 uur de volgende dag. In onze gegevens komen tijdvakken van 00:00 tot 02:00 uur niet voor, omdat de dag pas om 02:00 uur begint, terwijl de klok niet eindigt om 00:00 uur, maar doorloopt tot (het fictieve) 26:00 uur. Deze verschuiving van het etmaal wordt toegepast omdat programma's na middernacht meestal doorlopen en omdat voor de kijkers de televisieavond niet om middernacht ophoudt.
Voor het opstellen van toplijsten hanteert NMO een aantal regels. In de regels staat o.a. dat toplijsten alleen programma's met een duur van 10 minuten of langer bevatten. Ook kan iedere programmatitel maar één keer in de lijst voorkomen. Van programma's die meerdere keren zijn uitgezonden, komt alleen de meest bekeken aflevering in de toplijst.
In het kader van NMO Kijken worden geen waarderingscijfers meer gemeten. Wel voert de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) waarderingsonderzoek uit. Voor informatie over de waardering van programma's verwijzen we naar de NPO, afdeling Publieksonderzoek.
NMO rapporteert dagelijks de volgende standaardresultaten: kijkdichtheid, het gemiddelde aantal kijkers, bereik, totaal aantal kijkers en marktaandelen voor de doelgroep 6 jaar en ouder, voor de uitzenddag inclusief het uitgesteld kijken tot en met 6 dagen na de uitzenddag (TV Zendertotaal). Deze informatie is te vinden op het openbare deel van onze website.
Onderzoek
Oorspronkelijk werd het kijkgedrag in Nederland onderzocht door het Kijk- en Luisteronderzoek (KLO Informatie en Advies), een afdeling van de NPO. Deze afdeling kreeg later de naam Publieksonderzoek. Op 1 januari 2002 werd Stichting KijkOnderzoek (SKO) opgericht, die sindsdien verantwoordelijk was voor het Kijkonderzoek. Hiermee kwam er één centraal onderzoek naar het kijkgedrag van de Nederlandse bevolking, in opdracht van alle betrokken partijen. Vanaf 2024 is SKO opgegaan in het Nationaal Media Onderzoek (NMO). De Nederlandse Publieke Omroep (NPO), de Nederlandse TV-marketingorganisatie (Screenforce), de Bond van Adverteerders (bvA) en Platform Media-Adviesbureaus (PMA) werken hierin samen.
Een overzicht van de zenders die op dit moment door NMO gemeten worden vind je hier.
Onderzoeksbureau Kantar beheert het Kijkerspanel met de kijkmeter en routermeter. Zij leveren ook de data en rapportages aan. Nielsen verzorgt de programmacodering en naamgevingen van de tv-uitzendingen (mediamonitoring). Onderzoeksbureau Ipsos beheert het Mediatrends onderzoek en het MediaCell panel (ook Multimedia panel genoemd) en levert deze data. In toekomstige rapportages zullen we gebruik maken van censusdata over het online kijkgedrag geleverd door TV-broadcasters (zoals ESPN, NPO, RTL, en Talpa) en TV-operators (zoals KPN en Ziggo).
Het onderzoek wordt gefinancierd door de Stichting Nationaal Media Onderzoek (NMO), waarin de huidige opdrachtgever Stichting Kijkonderzoek (SKO) zal opgaan. De stichting krijgt haar funding vanuit de deelnemende partijen en in het geval van het kijkonderzoek zijn dat voornamelijk Screenforce (de Nederlandse TV-marketing organisatie) en de NPO en een substantiële bijdrage van het Platform van Mediaadviesbureaus (PMA).
Doorontwikkeling
Het vernieuwde NMO Kijkonderzoek is gelanceerd op 28 augustus 2023. Vanaf 29 augustus wordt de data verkregen door onderzoeksbureau Kantar gepubliceeerd.
Het vernieuwde NMO Kijkonderzoek is gestart op 28 augustus 2023 en richt zich op het kijkgedrag via het grote scherm. In de tweede fase van het nieuwe kijkonderzoek worden de data van de ‘Focal Meter’ van de huishoudens van het kijkerspanel samen met de volumedata van de websites en apps van broadcasters en operators toegevoegd aan de data uit de People Meter. De derde fase richt zich op de integratie van data uit het Multimediapanel met aanvullende informatie over het buitenshuis kijken.
De startdatum voor fase 2 van het vernieuwde kijkonderzoek is momenteel nog niet vastgesteld. We zijn druk bezig met de voorbereidingen. Blijf onze website en LinkedIn-pagina volgen voor de nieuwste updates.
Vernieuwde onderzoeken van NMO-Lezen en NMO-Luisteren zijn reeds gelanceerd in 2022 en 2023. Het vernieuwde onderzoek van NMO Kijken wordt in drie fasen gelanceerd. Dit is gestart in 2023 en momenteel zijn we hard op weg naar de lancering van fase 2. Het vernieuwde onderzoek van NMO-Online is op 8 januari 2024 gelanceerd. NMO Outdoor en NMO-Cross Media zijn momenteel in ontwikkeling waarvan de lancering nog niet bekend is.
Stichting Nationaal Media Onderzoek (NMO) is per 1 januari 2024 opgericht. NMO is een samenwerking van marketing brancheorganisaties van de mediabedrijven, te weten MMA, NDP Nieuwsmedia, Audify, Vinex en Screenforce, samen met de bvA (de adverteerders) en de bij het PMA aangesloten mediabureaus om al het bereiksonderzoek in Nederland te organiseren. De ambitie is uiteindelijk inzicht in te verschaffen in wat Nederland leest, kijkt, luistert via alle mediakanalen en apparaten.
Over Video Totaal
De eerste definitieve kijkcijfers van NMO Video Totaal betreffen de rapportagedag van 6 april 2026. Dit is de eerste meetdag. Deze volledige kijkcijfers worden op 20 april 2026 gepubliceerd.
Met Video Totaal combineert NMO het lineaire kijkgedrag met het online kijkgedrag, waardoor veel meer kijkgedrag inzichtelijk wordt. Het onderzoek brengt lineair, uitgesteld en on demand kijken in kaart op álle schermen en apparaten, zoals tv’s, smartphones, tablets, streamingdiensten en apps van broadcasters en operators. Door een combinatie van People Meter- en Focal Meter-metingen met censusdata van deelnemende partijen registreert NMO niet alleen het traditionele tv-kijken, maar ook het online kijkgedrag – zowel thuis als onderweg. Nieuw is dat ook Video on Demand en Video Sharing Platforms (VSP’s) worden meegenomen in de rapportage, waarmee NMO een toekomstbestendige en complete kijkcijferdataset biedt.
Lineair, uitgesteld en on demand. Op alle apparaten en platformen. Binnen- en buitenshuis.
Het onderzoek combineert gegevens uit panelonderzoek met diverse meetinstrumenten en bronnen zoals censusdata van deelnemende broadcasters en van operator KPN, en in de toekomst Ziggo.
Wanneer censusdata wordt ingezet als bron, worden alle kijkacties geregistreerd, zowel binnen- als buitenshuis, waardoor ook buitenshuis kijkgedrag wordt meegenomen in de rapportage. Dat is vooralsnog Operators KPN, NPO Start, NPO VOD Overig (bijv. Het Klokhuis, NPO Zapp), RTL Nieuws & Entertainment, Videoland, Talpa Network Kijk, Talpa Network VOD Overig (bijv. Shownieuws.nl), ESPN Watch.
Kijkgedrag wordt gemeten via de People Meter, de Focal Meter in het kijkerspanel en censusdata.
Alle apparaten in een huishouden waarop video content gekeken kan worden, zoals TV, desktop/laptop, tablet, smartphone.
Video Totaal richt zich specifiek op televisie en video kijkgedrag en combineert lineair en online kijken, met als belangrijkste metric ‘kijktijd’. Het onderzoek bevat niet alleen platform-, maar ook programma-informatie. NMO Online daarentegen meet het bredere bereik van online platformen en zonder programma-informatie, en gebruikt ‘stream starts’ als metric. Voor Video Totaal wordt alleen het daadwerkelijk online kijken naar video meegenomen en biedt dus diepgaand inzicht in videokijken, terwijl NMO Online het algemene online bereik van platforms in kaart brengt waarbij ook zoekgedrag en scrollgedrag wordt meegenomen.
De NMO publicaties op dag 1, dag 7 en dag 14 bevatten de kijkcijfers van TV-programma's. Dag 1 en Dag 7 betreffen voorlopige kijkcijfers op het TV-scherm. De publicatie Dag 14 bevat de complete en definitieve kijkcijfers naar de programma's, ongeacht platformen en devices.
Dag 1 (Overnight)
Voorlopige kijkcijfers met alleen het lineair kijkgedrag op het TV scherm van de dag ervoor (uitzenddag). Live en uitgesteld.
Dag 7
Dit zijn de cijfers zoals we ze nu ook kennen: live + uitgesteld kijken tot en met 6 dagen na uitzenddag. Ook deze resultaten zijn voorlopige kijkcijfers. Het gaat hierbij nog steeds om het kijkgedrag op het TV-scherm.
Dag 14
De complete, definitieve kijkcijfers: alle schermen en alle vormen van kijken (lineair, VOD, VSP), inclusief al het uitgesteld kijkgedrag tot en met 6 dagen na uitzenddag compleet met online platforms op alle apparaten. Voor programma’s die via VOD-platforms en andere devices worden bekeken, zijn de cijfers beschikbaar na 6 dagen. We kunnen hiervoor van definitieve kijkcijfers (inclusief het uitgesteld kijken tm 6 dagen) spreken pas na 14 dagen na het uitzendmoment. Dan heb je het totale overzicht van alle uitzendingen, ongeacht of ze als VOD of via lineaire TV Zenders zijn uitgezonden.
Overnight kijkcijfers voor programma’s op het TV-scherm worden opnieuw geïntroduceerd omdat de markt inmiddels goed het verschil kent tussen voorlopige en de definitieve resultaten. We kunnen ervan uitgaan dat partijen begrijpen dat conclusies op basis van dag‑1‑cijfers voorbarig zijn.
We willen bij NMO natuurlijk zo actueel mogelijk zijn, om alle metingen en censusdata met elkaar op de juiste manier te combineren duurt het bij NMO Video Totaal dertien dagen na de dag van uitzending voordat de definitieve cijfers beschikbaar zijn. Dat is best lang voor geïnteresseerden in kijkcijfers. Door voorlopige kijkcijfers op het TV-scherm op de dag na uitzending te publiceren, biedt NMO toch actueel inzicht, terwijl helder blijft dat deze cijfers nog niet compleet zijn.
Zenders, mediabureaus en TV-producenten hebben te alle tijden toegang tot de kijkcijfers. Zij mogen deze cijfers intern gebruiken. Daarnaast is het toegestaan om voorlopige kijkcijfers van programma’s (overnight en op dag 7) op het TV-scherm te publiceren.
Het verwerken van kijkdata, waaronder VOD‑ en VSP‑gegevens, kost meer tijd omdat deze data afkomstig zijn uit verschillende bronnen en systemen, zoals serverlogs van broadcasters, streamingdiensten en platforms. Deze gegevens moeten eerst worden verzameld, gevalideerd, gekoppeld en vervolgens gekalibreerd aan het panelonderzoek. Daarnaast vindt er een uitgebreide kwaliteitscontrole plaats om te waarborgen dat de data betrouwbaar en consistent zijn.
Een belangrijk onderdeel dat extra tijd vraagt, is de levering en verwerking van programmametadata. Deze metadata wordt gekoppeld aan de on‑demand kijkdata, zodat duidelijk wordt welke content precies is bekeken. Pas wanneer alle metadata volledig en correct is aangeleverd én gekoppeld, kunnen de kijkcijfers worden vastgesteld. Hierdoor zijn de definitieve cijfers op een later moment beschikbaar.
Binnen VOD wordt de kijktijd van de ad tiers, het reclamedragende deel, van de partijen die het onderzoek financieren, op merkniveau gerapporteerd. Premium tiers zonder reclame en VOD‑platforms die niet deelnemen aan het onderzoek worden geclusterd onder ‘Overige VOD Platforms’. Dit geldt ook voor Video Sharing Platforms (VSP). NPO Start vormt een uitzondering: deze dienst wordt zowel mét als zonder advertenties volledig gerapporteerd.
De platformen waar kijktijd over gerapporteerd wordt bij introductie, zijn:
- Operators: KPN
NPO Start
NPO VOD Overig (bijv. Het Klokhuis, NPO Zapp)
RTL Nieuws & Entertainment
Videoland Ad Tier
Talpa Network Kijk
Talpa Network VOD Overig (bijv. Shownieuws.nl)
ESPN Watch
Overige VOD platforms
VSP
Alle Video on Demand‑diensten en Video Sharing Platforms (VSP) die voldoen aan de criteria van het onderzoek worden gemeten. Dit betreft platforms met minimaal 80% videocontent en de deelnemende broadcasters en zenders. Onder VSP wordt het kijkgedrag naar videocontent geclusterd.
Platformen die bij de lancering van Video Totaal in de data worden gerapporteerd zijn:
VOD:
- NPO Start
NPO VOD Overig (bijv. Het Klokhuis, NPO Zapp)
RTL Nieuws & Entertainment
Videoland Ad Tier
Talpa Network Kijk
Talpa Network VOD Overig (bijv. Shownieuws.nl)
ESPN Watch
Overige VOD platforms
VSP:
- YouTube
Instagram
TikTok
Twitch
Video Totaal zal in de toekomst verder uitgebreid worden. Video platformen kunnen zich aansluiten.
De naam verwijst naar de breedte van de meting: álle vormen van kijken op álle schermen worden gemeten. Hoewel het allemaal wordt gemeten, worden niet alle platforms of content gerapporteerd, omdat ze bijvoorbeeld niet meebetalen aan het onderzoek of om technische beperkingen. Video Totaal zal in de toekomst verder uitgebreid worden. NMO staat open voor nieuwe deelnemers.
Ruwe data kan via gecertificeerde software worden afgenomen. NMO biedt kosteloos via de Kijkcijfer-App en nmodata.nl een aantal rapportages openbaar aan. Voor fijnmazigere of verdiepende inzichten kan er bij NMO toegang tot het klantenportaal worden afgenomen voor meer rapporten, of kan er een specifiek rapport aangevraagd worden via
Ja, NMO staat open voor nieuwe deelnemers. Video platforms kunnen zich aansluiten bij Screenforce en via deze route deelnemen aan NMO Kijken.
NMO is er door en voor de markt. De bijzondere samenwerking maakt het mogelijk dat Nederland als één van de eerste landen in staat is het complete kijkgedrag op zo'n detailniveau te meten.
Fifty5Blue is verantwoordelijk voor de meting, kijkerspanel en de data science processen om de Video Totaal data mogelijk te maken.
VOD kijkcijfers per programma zijn opgenomen in de definitieve +14 rapportage. De VOD/VSP kijkcijfers over een periode (week, maand of jaar) publiceren we in de persberichten die gepubliceerd worden op nationaalmediaonderzoek.nl
NMO publiceert alleen 'VOD totaal' en 'VSP totaal' op geaggregeerd niveau. Van VOD-partijen die deelnemen aan het NMO worden cijfers op platformniveau gerapporteerd.
Dergelijke verzoeken kunnen ingediend worden bij NMO. Wij zullen dit verzoek beoordelen. Je kunt hiervoor contact opnemen via
Ja, via Kijkcijfer-App en nmodata.nl zijn de openbare rapportages met kijkcijfers in te zien. Voor meer verdieping, fijnmaziger en meer inzicht, zijn er tegen betaling verschillende opties. Informeer hiernaar via
Uiteraard staat privacy bij NMO hoog in het vaandel. De metingen worden gedaan op basis van een van tevoren afgestemde whitelist, zodat de privacy van alle panelleden wordt gewaarborgd. Deze whitelist is bekend bij panelleden. Lees hier ons privacy statement
Kijkgedrag en bereik van online video(reclame)campagnes (pre-, postr- en midrolls) worden (nog) niet apart in het onderzoek gemeten, dus voor het plannen en evalueren van online videocampagnes is de toepassing beperkt. Wel geeft het nieuwe onderzoek beter inzicht in welke doelgroepen via welke kanalen en op welke schermen bereikt worden. Ook kunnen - door de toevoeging van het lineaire kijkgedrag via de apps van de operators en broadcasters- GRP’s gerapporteerd worden, die eerder niet gemeten werden.
Nee, de bestaande software is ingrijpend uitgebreid en door NMO gecertificeerd. Hierin hebben de softwarebureaus MBS, TechEdge en GfK Adware veel tijd en energie gestoken.
De extra kijktijd vanuit andere devices en platformen is alleen gebaseerd op daadwerkelijk kijkgedrag naar videocontent. De gerapporteerde kijktijd is gebaseerd op broadcast content. De mate van kijktijd is erg afhankelijk van de gekozen analyse: periode, doelgroep en andere selecties.
Over de transitiedatum heen, is het niet mogelijk om het cumulatief bereik te berekenen.
Kijktijd, kijkdichtheid, marktaandelen en gem. resultaattypen op basis van uitzendmoment kunnen wel berekend worden voor een periode die de transitiedatum overschrijden. Dit geldt ook voor gem. resultaattypen voor programma's, spots en blokken.
Kijkmoment is beschikbaar vanaf rapportagedatum 6 april. Daarom kunnen Total Linear TV marktaandelen (de nieuwe standaard/currency) en Video Totaal rapportages alleen vanaf deze datum worden berekend en niet over de transitiedatum heen.
Ruwe data wordt de eerste 27 dagen een uur later beschikbaar. Op de eerste dag dat er resultaten zijn van Video Totaal, op dinsdag 7 april, wordt de ruwe data iets later geleverd vanwege extra controles. De gebruikers worden hierover per mail geïnformeerd. De rapportages op nmodata.nl en de NMO Kijkcijfer-App komen bij latere leveringen van ruwe data, ook later beschikbaar. Houd de mededelingen op web en app in de gaten voor het laatste nieuws.
Zenderaandelen bij Video Totaal worden berekend op de categorie Lineaire TV Zenders. Dit gebeurt op het kijktype van Kijkmoment. Dit is anders dan bij het oude kijkonderzoek.
Met de kijkcijfers van Video Totaal wordt niet alleen het kijkgedrag naar Lineaire TV Zenders gemeten, maar alle platformen. Echter zijn niet alle platformen deelnemer aan het onderzoek. Daardoor kan geen volledig en eenduidig totaal (100%) van het kijkgedrag per programma worden vastgesteld. Omdat een programma-aandeel altijd is gebaseerd op zo’n volledig totaal, kunnen programma-aandelen binnen Video Totaal niet betrouwbaar worden berekend en daarom niet worden gepubliceerd.
Net als in de eerdere kijkcijfers is het kijkgedrag van panelhuishoudens opgenomen. Dit kijkgedrag naar het TV‑scherm wordt gemeten via audiomatching.
Met Video Totaal is dit kijkgedrag uitgebreid met het kijken op alle andere schermen in huis. Dit wordt in kaart gebracht via een routermeter. Het gaat hierbij uitsluitend om kijkgedrag dat wordt geregistreerd op basis van censusdata van deelnemende partijen en een whitelist van videoplatformen. Daarnaast wordt ook buitenshuis kijkgedrag naar andere schermen meegenomen, voor zover dit via censusdata is geregistreerd.
Alle Video on Demand‑diensten en Video Sharing Platforms (VSP) die voldoen aan de criteria van het onderzoek worden gemeten. Dit betreft platforms met minimaal 80% videocontent en de deelnemende broadcasters en zenders. Lees hierover meer bij: Hoe wordt het bekijken van video gemeten bij VSP en VOD? Gaat het daadwerkelijk om het kijken naar video? Of zit ook het scrollen naar content erin?
Begrippen
'Light zenders' zijn TV-zenders, waarover alleen gerapporteerd wordt het cumulatieve bereik per week of per maand. Dit is een voorwaarde om betrouwbare resultaten te kunnen rapporteren, gezien het kleiner publiek van deze themazenders.
Op de pagina Begrippen staan veel begrippen uitgelegd.
Uitzenddag kijkcijfers zijn kijkcijfers van de dag van uitzending, d.w.z. kijkcijfers 'tijdens de uitzending' en het uitgesteld kijken op dag 0 (dag van uitzending). Deze zijn de ochtend na uitzending beschikbaar. In de definitieve kijkcijfers (TV Zendertotaal) is het uitgesteld kijkgedrag op de dag van uitzending en de 6 opvolgende dagen verwerkt. De kijkcijfers van de uitzenddag zijn voorlopige kijkcijfers, omdat het TV Zendertotaal pas na zeven dagen na uitzenddatum beschikbaar is. Deze cijfers zijn alleen voor een beperkte groep intern beschikbaar.
Met het vernieuwde kijkonderzoek dat per augustus 2023 de kijkcijfers levert is de definitie van het ‘overig schermgebruik’ veranderd. Hierin wordt namelijk alle tijd die een kijker voor het TV-scherm doorbrengt geregistreerd. Dit betreft het kijken naar lineair uitgezonden content die langer dan 6 dagen na uitzenddag is bekeken, het kijken naar previews, het schermgebruik via randapparaten zoals het bekijken van foto’s of radioluisteren. Ook het online kijken naar videoplatforms zit in de categorie ‘overig schermgebruik’. De kijkcijfers van NMO zijn gebaseerd enkel op het kijkgedrag gemeten via alle tv-toestellen in het huishouden. Het kijken via een smartphone, tablet, laptop en PC zit vooralsnog niet in deze cijfers. Momenteel werkt NMO Kijken aan de volgende fase van het vernieuwde kijkonderzoek en wordt overig schermgebruik verder in kaart gebracht door de kijkcijfers naar online videoplatformen toe te voegen.
Lineaire streams zijn uitzendingen of video's die op hetzelfde moment wordt bekeken als dat het uitgezonden wordt. Dit is een onderdeel van online video.
De definitieve (consolideerde) kijkcijfers zijn de kijkcijfers waarbij het live kijken, samen met het uitgesteld kijkgedrag op de dag van uitzending en de 6 opvolgende dagen zijn verwerkt. Dit noemen we ook wel TV Zendertotaal. Definitieve cijfers zijn altijd hoger dan de voorlopige kijkcijfers (Uitzenddag) waarbij alleen de cijfers van de dag van uitzending zijn meegenomen.
Stichting KijkOnderzoek (SKO) is sinds 2002 verantwoordelijk voor het onderzoek naar het kijkgedrag van de Nederlandse bevolking. SKO (Stichting Kijkonderzoek) is één van de initiatiefnemers van NMO (Nationaal Media Onderzoek).
Stichting Nationaal Media Onderzoek (NMO) is per 1 januari 2024 opgericht. Samen met de onderzoeksbureaus Ipsos en Kantar is NMO verantwoordelijk voor de mediabereiksonderzoeken van Nederland. NMO is een samenwerking van marketing brancheorganisaties van de mediabedrijven, te weten MMA, NDP Nieuwsmedia, Audify, Vinex en Screenforce, samen met de bvA (de adverteerders) en de bij het PMA aangesloten mediabureaus om al het bereiksonderzoek in Nederland te organiseren. De ambitie is uiteindelijk inzicht in te verschaffen in wat Nederland leest, kijkt, luistert via alle mediakanalen en apparaten.
Addressable TV
Addressable TV is een vorm van televisiereclame waarbij commercials specifiek kunnen worden gericht op huishoudens op basis van gegevens over de kijker. Dit betekent dat verschillende huishoudens verschillende commercials kunnen zien tijdens hetzelfde reclameblok, afhankelijk van hun specifieke kenmerken of eerder kijkgedrag.
Op dit moment biedt alleen VodafoneZiggo de mogelijkheid om ATV in te zetten, waarbij het alleen wordt toegepast in huishoudens die hiervoor toestemming hebben gegeven. Een deel van die huishoudens zit ook in het panel van het NMO Kijkonderzoek.
Vanaf 14 oktober 2024 worden kijktrajecten van panelleden die een addressable spot hebben gezien, gemarkeerd in de ruwe data. Dit gebeurt door middel van een watermerk dat wordt meegegeven aan de addressable spot. De kijkmeter herkent dit watermerk zodat een onderscheid gemaakt kan worden tussen lineaire en addressable spots.
NMO heeft geen eigenaarschap over de technieken of toepassing van addressable targeting op settopboxen. Momenteel is VodafoneZiggo de enige (data)leverancier van deze propositie. Zij hebben consent gevraagd aan de consument, en dus ligt de verantwoordelijkheid van privacywaarborging van addressable uitingen in geen geval bij NMO. Voor privacy-vraagstukken rondom addressable TV verwijzen we naar Talpa Media en Ad Alliance die deze vorm van advertising aanbieden.
Op dit moment worden alleen een addressable spots uitgeleverd bij het live kijken naar reclameblokken. De spots kunnen worden opgenomen en later gekeken worden, dan komen de addressable spots ook terug in de data van uitgesteld kijken. De correctiemethode wordt toegepast op alle trajecten, live en uitgesteld kijken. In de toekomst willen broadcasters ATV ook toepassen op uitgesteld kijken.
Momenteel wordt addressable TV alleen aangeboden door Talpa Media en Ad Alliance.
TV wordt traditioneel afgerekend op basis van Gross Rating Points (GRP’s). Bij addressable TV wordt er gebruikt gemaakt van een ad server voor het inkopen en rapporteren van advertenties, waarbij wordt afgerekend op kosten per duizend impressies (CPM). Voor verdere vragen over afrekenen verwijzen we naar Talpa Media en Ad Alliance die deze vorm van advertising aanbieden.
Deze panelleden worden niet meegenomen bij de bepaling van de kijkdichtheid van de spot of van de blokkijkdichtheid bekeken per spot die vervangen is met een addressable spot.
Bij het toepassen van de correctie, wordt er gekeken naar Nielsen spotfiles en wordt de seconde in het midden van de spot bepaald. Panelleden die in het midden van de spot naar een addressable spot keken (i.p.v. de lineaire spot) worden geselecteerd: het ‘midden van de spot’-principe. Deze panelleden worden vervolgens niet meegenomen bij de berekening van de kijkcijfers voor de spot of van de blokkijkdichtheid bekeken per spot. Deze methode wordt toegepast in de software en alléén bij de berekening van blokresultaten per spot (en niet voor de gehele blokkijkdichtheid), zoals gebruikt worden in spot-, adverteerder-context modules zoals afrekenmodules.
Zodra de data van de kijkmeters verzameld zijn, worden deze geanalyseerd door software om te onderscheiden of een panellid een lineaire of een addressable spot heeft gezien. De spotkijkdichtheid wordt berekend over de hele minuut waarin de spot start. Omdat er meerdere spots binnen een minuut kunnen starten, moet de correctie alleen op de juiste spot worden toegepast. Dit wordt gedaan door te kijken naar de panelleden die in het midden van de spot naar een andere spot (i.e. addressable) keken dan naar de lineaire spot.
Deze panelleden worden vervolgens niet meegenomen bij de bepaling van de kijkdichtheid van de spot. De kijkdichtheid van het blok wordt berekend over de gehele duur van het blok. Het is dus noodzakelijk om de blokkijkdichtheid per spot te corrigeren. De huidige blokkijkdichtheid blijft echter behouden.
Correctie, of 'ontdubbeling', is nodig bij addressable TV omdat het belangrijk is om te onderscheiden of een kijker bereikt is door een lineaire spot of een addressable spot zodat er geen dubbeltellingen plaats vindt. Dit gebeurt technisch door een watermerk toe te voegen aan de addressable spots, wat de kijkmeter herkent. Bij de datacorrectie in de software moet vervolgens rekening gehouden worden met de juiste toewijzing van kijkcijfers voor individuele spots en de totale kijkdichtheid van reclameblokken.
NMO heeft calculatie- en rapportageregels opgesteld voor de addressable correctie in de kijkcijfers. De kijkdata worden ontsloten via verschillende software tools die elk hun eigen functionaliteiten hebben en daarmee ook elk eigen kaders waarbinnen de correctie geïmplementeerd wordt. Softwarebureaus zijn getoetst op de juiste toepassing van deze regels en worden hiervoor gecertificeerd. In het algemeen geldt voor gebruikers dat bij het analyseren van spots de gecorrigeerde kijkdichtheden standaard zijn. Het gaat hier om rapportages van spots en blokresultaten per spot, zoals gebruikt worden in spot-, adverteerder-context modules en diverse afrekenmodules. Bij de andere analyses (zoals kijktijd in programmamodules) worden standaard de ongecorrigeerde kijkdichtheden weergegeven.
Als het gaat om de berekening van de correctie dan vervalt bij de berekening van de spotkijkdichtheid de kijkminuut waarin een panellid een addressable spot heeft gekeken. Dit is omdat de berekening van een spot op minuutniveau gebeurt, en wordt teruggebracht naar de minuut waarin de spot is gestart. Dus wanneer een spot start in de minuut 19:52:00 dan zal de minuut 19:52:00 – 19:52:59 van een ‘addressable kijker’ worden verwijderd in de berekening van die specifieke spotkijkdichtheid.
Voor het bereik geldt hetzelfde principe als bij 6 beschreven. Wordt de spot vervangen door een addressable spot, dan wordt de correctie toegepast en vervallen bereikte panelleden van de berekening van het bereik van lineaire spots en de lineaire blokken voor deze spots in spotmodules. Het bereik van de campagne waarbij een spot is vervangen met een addressable spot wordt hiermee gecorrigeerd.
Als het gaat om de berekening van de correctie dan vervallen de kijktrajecten van de panelleden bereikt door de addressable spot bij de berekening van de blokkijkdichtheid en bereik. Bij de berekening van de blokkijkdichtheid en blokbereik per spot/campagne vervalt het kijktraject van het gehele blok wanneer het panellid een addressable spot heeft gekeken volgens het ‘midden van de spot’ principe. Dit is van toepassing op spot-, adverteerder-context modules en diverse afrekenmodules (zoals bij 6 beschreven).
De correctiemethode vindt plaats op spotniveau, en wordt dus niet toegepast in de berekeningen voor programma’s en tijdvakken in overige modules. Ook de berekeningen op reclameblokken worden daar niet aangepast; alleen wanneer men een analyse uitvoert op de blokkijkdichtheid van een specifiek geselecteerde spot of campagne houdt de software rekening met de correctie.
Nee, de correctie wordt automatisch toegepast in de software. Het is binnen sommige software mogelijk om de correctie ‘uit te zetten’ om de ongecorrigeerde cijfers te zien. Dit verschilt per softwareapplicatie.
In het kijkonderzoek wordt gerapporteerd op lineaire (reguliere) spots. Inzichten in het aantal kijkers naar addressable spots is in dit stadium niet mogelijk. Door de toegepaste correctiemethodiek zorgen we ervoor dat de lineaire spots zuiver gerapporteerd worden.
Er wordt een watermerk meegegeven in de addressable spot die door de kijkmeter wordt uitgelezen. Op basis van dat kenmerk kunnen we in de data de kijkers van lineaire (reguliere) spots onderscheiden van kijkers van addressable spots. De software past standaard de calculatieregels toe die nodig zijn voor de correcte berekening van GRP's. Wanneer men de gecorrigeerde data gebruikt, worden alleen de currency-resultaten voor lineair uitgezonden spots gegeven.
De software zorgt dat de correctie altijd aan staat. In sommige softwaremodules (bij bepaalde software leveranciers) kan je de correctie aan/uit zetten.
Addressable spots kunnen alleen voorkomen in het kijkonderzoek bij zenders die geaudit worden door Nielsen en binnen de spotanalyse–modules in de software. Voor programma- en tijdvakanalyses in de software werken we standaard met ongecorrigeerde kijkcijfers. Dan kijken we naar kijkers per minuut, tijdvak of programma in analyses waarop de correctie niet nodig is.
Dit kan je niet per persoon in de data zien. In principe geldt dat in het kijkonderzoek gerapporteerd wordt op lineaire (reguliere) spots. Inzichten in het aantal kijkers van addressable spots is in dit stadium niet mogelijk. Voor dergelijke inzichten verwijzen we naar Talpa en Ad Alliance die deze vorm van advertising aanbieden.
Dit is afgestemd door alle participerende marktpartijen. De correctiemethodiek waarop we zijn uitgekomen binnen NMO in samenwerking met stakeholders, betreft een eerste fase van corrigeren voor addressable advertising. Omdat addressable advertising nieuw is in de Nederlandse markt, betreft het een methodiek gebaseerd op enkele aannames. Wanneer Addressable TV eenmaal in de markt is geïntroduceerd en verder uitgebreid wordt, kunnen we wellicht overstappen op een meer precieze methode om voor addressable spots te corrigeren.
De uitbreiding betreft dan met name het aantal huishoudens die addressable advertising kunnen ontvangen via een settopbox. Op den duur kunnen we in samenwerking met de stakeholders/broadcasters kijken hoe addressable TV onderdeel kan uitmaken van de kijkdata, waarbij we dan niet alleen corrigeren voor addressable uitingen op lineaire (reguliere) spots, maar ook kunnen rapporteren op het bereik van addressable spots.
De correctiemethode vindt plaats op spotniveau, en wordt dus niet toegepast in de berekeningen voor programma’s en tijdvakken. Wanneer men toch op spotniveau analyses wil doen op aaneengesloten kijktrajecten, dan zullen addressable kijkers niet meetellen indien er een addressable spot is uitgeserveerd binnen het tijdvak van de spotanalyse.
Nee, dat is niet mogelijk. In principe geldt dat in het NMO kijkonderzoek gerapporteerd wordt op lineaire (reguliere) spots. Inzichten in kijkers van addressable spots is in dit stadium niet mogelijk. Voor inzichten op welke doelgroepen getarget worden middels addressable technieken verwijzen we naar Talpa en AdAlliance die deze vorm van spots aanbieden.
VSP
Een Video Sharing Platform (VSP) is een platform waarvan minimaal 80% van de content uit video bestaat. Het zijn social media platforms, waar de gebruikers de content uploaden en het platform zelf geen of weinig inhoudelijke regie voert over de videocontent.
Alle platformen die voldoen aan de definitie. Denk bijvoorbeeld aan YouTube, TikTok, Instagram en Twitch. Let wel; hiervan rapporteert en publiceert NMO het kijkgedrag via deze platformen alleen op geaggregeerd niveau.
Allereerst wordt vastgesteld hoe lang een gebruiker aanwezig is op een website of binnen een app. Vervolgens bepaalt de Focal Meter of er daadwerkelijk video wordt afgespeeld. Dit wordt geïdentificeerd aan de hand van de omvang en patroon van de data ("data packages") er worden uitgewisseld. Alleen wanneer deze datastroom overeenkomt met het afspelen van video, wordt dit geregistreerd als kijktijd. Deze kijktijd wordt vervolgens vastgelegd en gerapporteerd. Scrollen of bekijken van niet-videogerelateerde content wordt niet in de cijfers meegeteld.
Ja, het zijn social media platforms, waar de gebruikers de content uploaden en het platform zelf geen of weinig inhoudelijke regie voert over de video content.
Kijkcijfers vanuit Video Totaal worden gerapporteerd van personen van 6 jaar en ouder.
Video on demand (VOD)
Dit zijn platforms die video content aanbieden die een kijker kan bekijken op een gewenst moment. Dit onderscheidt zich van lineaire tv-kijken waarbij het kijkgedrag bepaald wordt door het moment van uitzending.
Alle Video on Demand‑diensten en Video Sharing Platforms (VSP) die voldoen aan de criteria van het onderzoek worden gemeten. Dit betreft platforms met minimaal 80% videocontent en de deelnemende broadcasters en zenders. Platformen die bij de lancering van Video Totaal in de data worden gerapporteerd zijn: VOD: NPO Start; NPO VOD Overig (bijv. Het Klokhuis, NPO Zapp); RTL Nieuws & Entertainment; Videoland Ad Tier; Talpa Network Kijk; Talpa Network VOD Overig (bijv. Shownieuws.nl); ESPN Watch. VSP: YouTube; Instagram; TikTok; Twitch. Onder VSP wordt het kijkgedrag naar video content geclusterd.
YouTube en Netflix worden wel gemeten, zij nemen niet deel aan het onderzoek. Dat betekent dat het kijken naar deze platformen gemeten wordt, en gerapporteerd als respectievelijk Overige VOD Platforms en VSP.
De keuzes rondom rapportage zijn grotendeels door de markt bepaald. Omdat de advertentiegedreven abonnementen (ad tiers) een belangrijke rol spelen in de marktwerking en in het bijzonder voor reclamecampagnes, rapporteren commerciële VOD‑platforms op platformniveau uitsluitend over deze ad tiers. Het kijkgedrag van premium tiers wordt daarom niet afzonderlijk getoond, maar opgenomen onder ‘Overige VOD‑platforms’, samen met platforms die in het geheel niet wordt gerappoteerd.
Kijkgedrag via een app is een belangrijke toevoeging aan het kijkonderzoek. Hiertoe ontvangen we censusdata over het kijkgedrag op de apps van broadcasters en operators. Deze data wordt gematcht met het online kijkgedrag dat in het panel m.b.v. de Focal Meter vastgelegd wordt.
Als er geen eerste uitzending is, dan kun je niet spreken van uitgesteld kijken. Bij VOD spreken we daarom van een kijkmoment.
Het (on demand) vooruitkijken van programma’s (‘previews’) is op het moment van lancering beschikbaar voor previews die worden bekeken op de dag van uitzending. Stel dat 's avonds een lineaire uitzending van een programma geprogrammeerd staat, dan tellen alle previews die plaatsvinden op diezelfde dag voor het moment van uitzending mee in de kijkcijfers. Na de lancering wordt het kijken naar previews verder uitgebreid.
Hierover kunnen we nu geen mededelingen doen. NMO staat in elk geval open voor nieuwe deelnemers. In geval van VOD-platforms is de route dat deelname in NMO Kijken via deelname in Screenforce verloopt. Veel VOD-platforms zijn al Screenforce-deelnemer.
Door middel van censusdata kunnen wij het buitenshuis kijkgedrag via kleine schermen aan kijkonderzoek toevoegen. Dit gebeurt nu voor een aantal broadcasters (zoals NPO Start, ESPN Watch, Talpa Kijk), VOD-platforms (Videoland) en operators.
NPO Start heeft als publieke organisatie een andere visie op het openbaar maken van kijkcijfers. Zij kiezen voor volledige openheid.
Met Video Totaal wordt ook na 6 dagen alle kijktijd gerapporteerd op een bepaalde dag (dag 0). Dat betreft alle kijktijd van die dag op alle schermen.
Kijkmoment betreft het moment van kijken naar specifieke content. Specifiek bij het on demand kijken van video speelt niet meer het uitzendmoment een rol, maar juist op welk moment is content gekeken. In de software wordt dit resultaattype als Kijkmoment 0-27 aangeduid. Het gaat hier om alle kijktijd die binnen een bepaald tijdvak, dag of periode wordt geconsumeerd ongeacht het uitzendmoment. Dit rapportagetype bevat al het uitgesteld kijken van content tot met 27 dagen geleden die mogelijk binnen dat tijdvak, dag of periode wordt bekeken. In de software wordt dit aangeduid als Viewing Moment Total.
Dit heeft te maken met de huidige datastructuur van Video Totaal en wordt op termijn aangepast. Op dit moment wordt een TV-programma dat uitgesteld gekeken is op het TV-scherm toegekend aan een TV-zender met activiteit UGK. Als blijkt, dat dit uitgesteld kijkgedrag plaatsvond via een VOD-platform, wordt dat kenmerk toegevoegd aan de data, maar blijft de kijktijd wel bij het programma (als uitgesteld kijken naar de betreffende programma/zender). In analyses op uitzendmoment op programma en tijd/tijvak komt het uitgesteld kijken onder de categorie ‘Lineaire TV zenders’. Bij analyses op tijd/tijdvak en daarmee op basis van het kijkmoment, dan valt deze informatie wel volledig onder VOD. Voor programma’s en commerciële blokken kan er wel analyses worden gedaan over alle platformen heen.